Zo werken strooimiddelen tegen gladheid
Strooimiddelen werken op twee verschillende manieren. Zout verlaagt het vriespunt van water en laat ijs en vastgetrapte sneeuw smelten. Zand, lava en kleikorrels ontdooien daarentegen niets, maar leggen een ruwe laag op het gladde oppervlak waarop schoenzolen en banden grip vinden. Vakmensen spreken daarom van ontdooiende en stroefmakende strooimiddelen. Welke werking je nodig hebt, hangt af van de ondergrond, het weer en de regels in je gemeente.
Strooizout
Ons zeezout 0–5 mm is een dooizout volgens EN 16811-1, de Europese norm voor natriumchloride in de gladheidsbestrijding. Het werkt snel en grondig, ook op vastgetrapte sneeuw. Bij strenge vorst onder ongeveer min 10 graden neemt de werking duidelijk af. Zout heeft wel bijwerkingen. Het schaadt bomen en planten langs het pad, tast beton en metaal aan en kan ontstekingen aan de poten van honden en katten veroorzaken. Strooi het daarom zuinig en alleen waar je het echt nodig hebt.
Zoutvrij strooimiddel
Strooizand 0,2–2 mm, Lavadur en kleikorrels 1–5 mm maken gladde oppervlakken meteen stroef, omdat ze niet eerst hoeven te ontdooien. Bodem en planten worden daarbij niet belast, en meestal zijn ze ook toegestaan waar zout beperkt is. Lavadur is een poreus lavasplit in warm bruin, verkrijgbaar in 1–5 mm en in de fijnere korrelmaat 0–2 mm. Het ruwe oppervlak geeft bijzonder goede grip, en anders dan zout veroorzaakt lava geen roest aan auto's, hekken en poorten. Kleikorrels bestaan uit gebakken klei, zijn heel licht en daardoor zeer zuinig in gebruik. Na nieuwe sneeuwval of als het opnieuw vriest, moet je zoutvrij strooimiddel vernieuwen. Daar staat tegenover dat je het in het voorjaar gewoon bij elkaar veegt en de volgende winter opnieuw kunt gebruiken.
Mengsels van zout en granulaat
Het strooizout-lavamengsel en het zout-zandmengsel combineren beide werkingen. Het zout laat het ijs smelten, het granulaat geeft vanaf de eerste stap grip. Dat is handig op trappen, hellingen en schuine paden, waar je niet wilt wachten tot het zout zijn werk heeft gedaan. Omdat de mengsels zout bevatten, gelden voor hen dezelfde regels als voor puur strooizout.
Welk strooimiddel voor welke ondergrond?
Stoepen, trappen en ingangen
Voor het huis telt vooral dat niemand uitglijdt. Strooizand of Lavadur maken het pad meteen stroef en sparen bestrating en borderranden. Op trappen en steile stukken helpt een mengsel dat ontdooit en tegelijk grip geeft. Zet een zak binnen handbereik naast de voordeur en bewaar hem droog, dan ben je ook bij onverwachte ijzel snel voorbereid.
Opritten, binnenplaatsen en parkeerplaatsen
Grote oppervlakken waarop ook auto's rijden, vragen veel materiaal. Dan loont een big bag. Voor particuliere opritten met klinkers of natuursteen raden we zoutvrij strooimiddel aan, omdat strooizout gevoelige bestrating op den duur kan aantasten. Op bedrijfsterreinen, parkeerplaatsen voor klanten en toegangswegen die al vroeg in de ochtend veilig moeten zijn, is strooizout vaak de snellere oplossing, mits het ter plaatse is toegestaan.
Gazon, borders en bomen
Naast graskanten, hagen en borders kun je beter helemaal geen zout gebruiken. Met het smeltwater komt het in de bodem terecht en beschadigt het de wortels. De gevolgen zie je vaak pas maanden later aan bruine bladranden en vroegtijdige bladval. Lavadur en kleikorrels zijn hier de betere keuze. Na de winter kun je ze bij elkaar vegen of gewoon in de border laten liggen, waar ze de grond losser maken.










